zondag 6 maart 2011

Zoef

Ik kan me voorstellen dat mijn teamgenoten vragen hebben bij mijn optreden van afgelopen vrijdag. Enige opheldering is inderdaad wel geboden. De partij die ik speelde was zeer snel voorbij en na afloop had ik het door de gebeurtenissen aan mijn bord eigenlijk wel bekeken voor de avond, waarop ik besloot mijn snor te drukken en het pand te verlaten. Marco die vermoedelijk uit oogpunt van damage-control nog nooit zo snel een verslag van een wedstrijd had vervaardigd en al zaterdagochtend naar mij doormailde zal wel niet blij mee zijn met dit stukje, maar dat zij dan maar zo.



We speelden dus tegen de Willige Dame en ik nam zoals gebruikelijk plaats op het vierde bord waar een zekere Jaap Verhoef tegenover mij kwam te zitten. Ik had nog nooit van hem gehoord, maar hij schijnt al tientallen jaren mee te draaien in het schaakwereldje, dus het zal wel. Wat er met de beste man afgelopen vrijdagavond aan hand was, is me nog steeds een compleet raadsel.
Mijn tegenstander Verhoef dus, ik zal hem in het vervolg Zoef noemen, gaf direct zijn visitekaartje af door zijn eerste zetten a-tempo op het bord te kwakken. Hij noteerde daarbij niet en had zo na tien gespeelde zetten ongeveer drie seconden bedenktijd gebruikt.
Wat is er met deze man, met deze Dordtse Zoef Zoef de Haas aan de hand vroeg ik me, inmiddels kregelig geworden, af. Moet hij misschien voor tienen weer thuis zijn in Dordrecht omdat zijn vrouw hem anders niet binnenlaat en hij de nacht in de schuur zal moeten doorbrengen? Dat zou toch wel cru zijn. Niet erg waarschijnlijk. Wil hij dan een televisieprogramma vanavond absoluut niet missen? Maar ja, daar heb je toch uitzending gemist voor, en dan nog, Boer zoekt vrouw is toch altijd op zondag (het schijnt dat eenderde van de Nederlanders daar elke week op afstemt) Nee, dat was het toch ook niet. Ik besloot dat het toch wat anders was. Ik denk dat hij als een hazewind weer terugwilde achter zijn computer om daar weer op ICC 1-minuut partijtjes te gaan spelen. Net als Zweedse schaaklegende Ulf Andersson die het in korte tijd voor elkaar kreeg om tegen de 100.000 van dit soort potjes op deze Amerikaanse schaakserver af te raffelen. Die is wel heel ver afgezakt. Mogelijk zag Zoef zijn standaard-partij als een hinderlijke onderbreking van zijn bullet geschaak. Maar ja, eigenlijk interesseert het me geen zak.

Enfin, ik ergerde me kortom groen en geel en ik kreeg het met Zoef aan de stok. Zoals bekend geldt de notatieplicht voor iedereen, dus ook (zelfs) voor Zoef de Haas. En die regel is echt niet alleen maar voor de show in het reglement opgenomen (voor de geïnteresseerden: FIDE-regels van het schaakspel artikel 8). Het heeft te maken met zorgvuldigheid, met controleerbaarheid voor de wedstrijdleider, maar ook met respect voor je tegenstander. Ik haat het wanneer zogenaamde vrijgevochten personages zich aan algemeen geldende regels menen te moeten onttrekken. Die regels zijn zeker voor niks bedacht. Toen ik hem daarop aansprak, sprak hij zalvend: “ja, maar ik speel voor mijn plezier.” De logica van een dronken aardbei.
Toen ik hem nogmaals attenteerde op zijn notitieplicht vond hij mij ineens “zeer irritant” en sloot hij de woordenwisseling af met de geruststelling dat hij de partij snel zou beëindigen, en wel in zijn voordeel uiteraard.
Het was zaak me niet van de wijs te laten brengen. Daar slaagde ik maar gedeeltelijk in. Na 20 zetten stond ik met wit iets minder, maar had wel een grote achterstand op de klok. Zoef had inmiddels een minuut of tien gebruikt, maar het grootste deel daarvan was niet opgegaan aan het overwegen van alternatieve zetten, maar aan het buiten in de kou asfalteren van zijn longen (waarom verbieden ze het roken niet gewoon in Nederland?) Ieder zijn hobby, zullen we maar zeggen. Walmend als een asbak zette hij zich weer achter het bord. En op dat bord ging het van kwaad tot erger.

Wit: Rick
Zwart: Zoef

Na de volgende zetten:

1.d4 Nf6 plats! 2. c4 c5 bam! 3. Nf3 cxd4 kets! 4. Nxd4 e5 zoef! 5. Nc2 (scherper en beter is uiteraard Pb5, maar ik kende de theorie daarvan onvoldoende) d5 tsjak! 6. cxd5 Qxd5 kedeng 7. Qxd5 Nxd5 wham! 8. e4 Nb4 flats! 9.Nxb4 Bxb4+ boem! 10. Bd2 Nc6 tok! 11. Bb5 Bd7 beng! 12. O-O Bxd2 tsjup! 13. Nxd2 Nd4 krok! 14. Bxd7+ Kxd7 tik! 15. Nc4 Ke6 tak! 16. Rad1 Rac8 vroem! 17. Ne3 Rhd8 shak! 18. Rfe1 g6 bam! 19. Kf1 f5 etc 20. exf5+ gxf5 21. Rc1 Rxc1 22. Rxc1 f4 23. Nc4 Rc8 24. Rc3 Nb5 25. Rc2 Rc6 26. a4 Nd4 27. Rc3 Kd5 28. Na5 Rb6 29. b3 Rb4 bam!


Zwart staat beter, maar het moet te houden zijn. In deze stelling verzonk ik in diep gepeins. Ik vertrouwde 30.Tc4 niet omdat ik ervan uitging dat het volgende paardeindspel door de actieve zwarte koning verloren zou zijn. Dat is niet het geval. Wit lijkt zich te kunnen redden. Na de volgende zet krijgt zwart groot voordeel. Zoef speelt het vervolg soeverein uit.

30. Rc7 b6 31. Nb7 Rxb3 32. f3 Rb1+ 33. Kf2 Rb2+ 34. Kf1 Nf5 35. Rd7+ Kc6 36. Rxh7 Ne3+ 37. Ke1 Nxg2+ 38. Kd1 Ne3+ 39. Ke1 e4 40. Nd8+ Kd6 41. Nf7+ Kc5 42. Ng5 Ng2+ 43. Kd1 e3 44. Re7 Kd6 45. Re4 Rd2+ 46. Kc1 Ne1 47. Ne6 Nd3+ 48. Kb1 e2 en met grote weerzin schudde ik de hand van mijn opponent.

Hoewel ik me gestoord had tijdens de partij, denk ik bij nader inzien niet dat het de uitkomst van de partij beïnvloed heeft. Op de kritieke momenten pakte ik voldoende tijd, maar produceerde uitsluitend vanwege mijn beperkte begrip van het schaakspel niet de juiste zetten. Dat had verder niets met het doelbewust intimideren door Zoef te maken, hoewel het wel enigszins de lol in het schaken bederft. Dus met het resultaat van de partij kan ik vrede hebben en Zoef wens ik nog heel veel plezier in het schaakspel toe.

Zo zat ik om half elf weer thuis op de bank. Het voordeel daarvan was dat ik tot in de kleine uurtjes verder kon gaan lezen in Stieg Larssons geweldige boek “Mannen die vrouwen haten” (een boek wat je gewoon niet kan neerleggen ). En dit leesplezier, kan ik melden, woog meer dan ruim op tegen dat ge-etterbak van mijn tegenstander van die avond.

Rick